|
De ijsbeer (Ursus Maritimus)
Het Noordpoolgebied of Arctisch gebied vormt het decor van een van ’s werelds grootste landroofdieren, de ijsbeer. Als een ijsbeer zich opricht is zijn lengte 2,5 meter. Zijn gewicht tot 800 kilo, de enorme klauwen, grote tanden en een snelheid tot 40 kilometer per uur maken van de ijsbeer een imponerend roofdier.
In de winter wandelen ze over de bevroren oceaan, in de zomer wachten ze bij de kust. Hier jagen ze zowel ’s nachts als overdag op zeerobben, zeehonden, walrussen, beluga walvissen en zelfs zeevogels. Het meeste voedsel wordt gevangen bij een opening in het ijs waar hun prooi naar boven komt om adem te halen. IJsberen lopen soms honderden kilometers op zoek naar voedsel dat ze op vele kilometers afstand kunnen ruiken. Ook zijn het zeer goede zwemmers die 100 kilometer aan een stuk kunnen zwemmen zonder te rusten.
De ijsbeer is perfect aangepast aan de sneeuw en ijsachtige omgeving en de lage temperaturen. Door twee pelslagen blijft de lichaamstemperatuur 37 graden celcius. Ook geven deze pelslagen ze de geelwitte kleur waardoor ze goed gecamoufleerd zijn. Onder de pels zijn ze zwart, een kleur die goed warmte vasthoudt.
Door intensieve jacht, een teveel aan giftige stoffen in het milieu en het smelten van de ijskap door het broeikaseffect wordt de ijsbeer met uitsterven bedreigd. Gelukkig hebben veel landen rond de Noordpool de laatste jaren de handen ineen geslagen om de ijsbeer en hun leefgebied te redden. Zou dit niet gebeuren, dan zou de ijsbeer mogelijk over 20 tot 30 jaar uitgestorven zijn.
|