|
De jaguar (Panthera Onca)
Als grootste katachtig roofdier van Amerika is de jaguar heerser van zijn territorium dat hij met krabsporen markeert. Vooral in de schemer en nacht jaagt hij op vrijwel ieder dier dat in zijn territorium voorkomt. Zelfs vissen en reptielen zoals slangen en schildpadden staan op zijn menu.
De jaguar komt voor in Midden- en Zuid-Amerika en het zuidwesten van de Verenigde Staten. Het leefgebied van de jaguar kan heel verschillend zijn, variërend van het dichtbegroeid regenwoud tot kustwouden. Ook in meer open terrein met struikgewas en hoog grasland is de jaguar te vinden, mits er genoeg dekking is van gras en rotsblokken.
Bij het jagen besluipt de jaguar zijn prooi tot heel dichtbij om zich vervolgens met één grote sprong op de prooi te storten. Deze doodt hij door met zijn kaken de schedel van zijn prooi te breken. Ook het schild van een schildpad bijt hij zonder moeite open. Naast goede jagers zijn het ook goede vissers. Soms zitten ze uren roerloos op een rotsblok of overhangende tak tot er een vis voorbij komt. Deze slaat hij met zijn poot uit het water op de oever.
Jaguars zijn in het wild grotendeels uitgestorven. De jacht op hun prachtige vacht en het versnipperen van hun leefgebied zijn hier de belangrijkste oorzaken van. Ook zijn er boeren die de jaguar dood schieten om hun vee te beschermen.
Dankzij de inzet van diverse beschermingsprojecten in diverse landen is de jacht grotendeel teruggedrongen en blijft leefgebied behouden voor de jaguar. Pas de laatste jaren worden jaguars in het wild bestudeerd. Zo leren we meer over het leven van de jaguar. Zo kunnen ze nog beter beschermd worden.
|